Eind jaren dertig, toen Bergen op Zoom nog een garnizoensstad was, liepen de soldaten van het derde regiment eens op marsmuziek van het oefenterrein terug naar hun kazerne. Mie d’n Os, die in de Balsebaan woonde, hoorde de muziek en ging met haar geitje voorop lopen en dansen. ’t Geitje schrok van de muziek en belandde in het prikkeldraad met bekend resultaat: ’t beestje raakte een stukje van haar uier kwijt...
Op deze speciale ellefde van de ellefde zal het ongeval van onze geit van ruim zeventig jaar geleden op gepaste wijze worden herdacht. Al om 17.11 uur gaat de Prins van vorig jaar dan ook met zijn gevolg vanaf de Grote Markt richting de locatie waar dit alles indertijd gespeeld heeft: de Zwarteweg, nabij de Balsebaan. De nazaten, bekenden, en aanverwanten van Mie Verbiest (d’n Os was een bijnaam) zijn hierbij van harte welkom. Om 18.11 uur zal worden stilgestaan bij de tragische gebeurtenis van de Geit aan de Zwarteweg. Dan gaat het gezelschap richting ’t Bleekveldje, waar om 19.11 uur samen met de Geit van Mie d’n Os wordt getracht het jarenlange leed te verzachten.
Na dit extra stukje ellef-ellef viering wordt dan het ‘gewone’ programma opgepakt. Eerst in hotel De Draak, waar in de Sint Jorisschouw een klein vreugdevuur wordt gemaakt van aardappelloof om de boze geesten weg te jagen. Er wordt stilgestaan bij St. Meerten door het uitspreken van een gedicht. Daarna wordt een lied gezongen van trouw aan de Vastenavend en onderlinge broederschap. Dan gaat ‘t richting Stoelemat om de prins en de grootste boer te kiezen, waarna de prins een nar en de grootste boer een steketee kiest. Dan komen alle vastenavendvierders om 23.11 uur bijeen bij ’t Geitje op ’t Bleekveldje, waar na elf klokslagen de Grootste Boer samen met alle aanwezigen de Kale’n eed aflegt. Na de toespraak van de prins, het omhangen van de krans bij de Geit, en het afsteken van de lichtkogel is ’t sein op groen gezet voor de komende vastenavendperiode.
Grootste boer Kees Theunisse legt uit waarom het Geitje op 11-11-11 in de hoofdrol staat. “Al in de 16e eeuw werd duidelijk hoe belangrijk de rol van de geit was bij de strijd tussen de carnaval én de vasten. In 1959 ontstond het idee om een monument op te richten voor de Geit van Mie als Vastenavend monument. In 1960 werd het bronzen beeld op ’t Bleekveldje, ontworpen door Anton van Meurs, geplaatst op z’n sokkel. Het motto dat jaar was, heel toepasselijk, ‘Vooruit mette geit’. Het beeld symboliseert het goede en mooie van de vastenavend, de vreugde, maar ook een beetje droefheid, met een traan die in een oog opwelt...vanwege ’t stukske uit de uier. Op deze bijzondere ellefde van de ellefde krijgt het Geitje uiteraard extra aandacht. We verwachten dat bij de Zwarteweg en om 19.11 uur op ’t Bleekveldje al veel Bergenaren aanwezig zijn. Het gaat beslist een historische avond worden!”