Saver klaar voor de winter
Saver klaar voor de winter
1600 ton zout in opslag
In de afgelopen twee winters hadden we, voor Nederlandse begrippen, extreem veel sneeuw en gladheid. Voor Saver drukke tijden dus, op het gebied van gladheidbestrijding. Dit jaar staat er maar liefst 1600 ton zout klaar. Van Saver mag de winter komen!

In een ‘normale’ winter moeten de wagens van Saver zo’n 18 a 20 keer uitrukken. Twee jaar geleden was dat maar liefst 72 keer, en vorig jaar 44 keer. “Op een gegeven moment was het zout op, dan wordt er naar van alles gegrepen,” vertelt Pieter-Balth Linders, adjunct-directeur van Saver. En met een lach: “In sommige gemeentes strooiden ze zelfs badzout, de straten waren nog nooit zo schoon geweest!” Het zout wordt gehaald uit Nederland, Duitsland en de landen rondom de Middelandse zee. “Vorig jaar begon de winter al zo vroeg, dat de bijbestelling van onze leverancier nog onderweg was, terwijl het zout hier al bijna op was,” vertelt Linders. “Dat zal ons dit jaar niet overkomen.”

 

Strooibeleid

Saver verzorgt gladheidbestrijding in de gemeenten Bergen op Zoom, Roosendaal en Rucphen. “Wij bepalen niet waar er gestrooid wordt, dat doen de gemeenten,” zegt Linders. “Meestal ligt de prioriteit bij hoofdwegen, invalswegen en ontsluitingswegen. Pas daarna wordt naar woonwijken ed. gekeken. Als we klachten krijgen over plaatsen waar we niet geweest zijn, dan verwijzen we die mensen ook door naar de betreffende gemeente.” Teamleider Dick van Dijk weet uit ervaring precies hoe het er jaarlijks aan toegaat. “Meestal is Rijkswaterstaat de eerste die uitrukt, voor de snelwegen. Dan de provincie en daarna krijgen wij opdracht van de gemeenten.”

 

File

Voor de Saver-medewerkers zijn dat drukke tijden. Het meeste strooiwerk vindt buiten kantooruren plaats, in de avond, nacht en vroege ochtend. De ‘gewone’ Saverwerkzaamheden moeten dan ook gewoon doorgaan. “Al zorgen we er wel voor dat de medewerkers voldoende rust krijgen,” geeft Linders aan. In november begint voor Saver de winter met een ‘vlootschouw’. Medewerkers rijden dan alvast hun vaste strooiroute om te kijken waar rekening moet worden gehouden met belangrijke wijzigingen in de verkeerssituaties. Zo worden onaangename verrassingen zo goed als uitgesloten. Toch gebeurt het wel eens dat ook strooiwagens hun plek van bestemming niet kunnen bereiken.

“Neem nou die hele extreme dag in februari vorig jaar,” zegt Van Dijk. “Het verkeer stond overal vast, dus ook onze wagens raakten in de file.”

 

Eitje

Saver rijdt uit vanuit haar vestiging aan de Stepvelden in Roosendaal en soms vanaf het steunpunt bij de milieustraat in Bergen op Zoom. Het bedrijf heeft 13 grote wagens en 8 fietspadstrooiers. De gemeente Bergen op Zoom zorgt zelf voor haar fietspaden. De strooiwagens staan in Roosendaal al klaar, voorzien van een sneeuwschuiver en gevuld met zout en pekelwater. “Pekelwater wordt vooral preventief gebruikt,” vertelt Van Dijk. “Droog zout verwaait eerder als het op een droog oppervlak komt. Het duurt ook even voor zout gaat werken, de zoutkorrels moeten eerst vocht opnemen. Bovendien werkt het alleen als er over gereden wordt. Op wegen waar zelden iemand komt, heeft het dan ook weinig zin om te strooien.” Het zout bij Saver is voorzien van een anti-klontermiddel. “Onschadelijk, al zou ik ’t niet meer op een eitje strooien,” lacht Linders.

Boze telefoontjes over het strooibeleid komen bij Saver zelden binnen. “Kijk naar afgelopen jaren, de mensen snappen dan echt wel dat de omstandigheden extreem zijn,” zegt Linders. “Ze zijn juist blij dat we er zo hard aan werken. In Bergen op Zoom zijn kritische punten in de openbare ruimte, bijvoorbeeld waar wegen schuingelegen zijn, voorzien van zoutkisten. Inwoners kunnen hieruit zout halen om op deze plekken te strooien. Zo kunnen zij ook een steentje bijdragen aan de gladheidsbestrijding.”